zondag 24 juni 2012
Urban Beekeeping
Sinds kort probeer ik me wat meer te verdiepen in de wereld van de bij. De bij als brenger van leven in stedelijke omgevingen. De bij in symbiose met de ontwikkeling als stadslandbouw en de roep om groene steden. Vanuit CO3 hebben we het project urban beekeeping omarmd. Dit voeren we uit in opdracht van Beeing, without bees no beeing, in het kader van het jaar van de bij.
Als aanhanger van de biomimicry filosofie -inspiratie uit de natuur om te komen tot innovatieve oplossingen voor huidige problemen - kunnen we veel leren van de bij. Binnen de bijen hiërarchie kent ieder zijn rol en als deze naar behoren wordt uitgevoerd, kan een kolonie groeien en groeien tot honderdduizenden. Om te komen tot deze rollen, zijn de bijen afhankelijk van het voedsel dat ze in de eerste periode als larven tot zich nemen. Het stuifmeel wordt verzameld van verschillende bloemen om het zo sterk mogelijk te maken. Net als bij innovatie, tap je uit verschillende bronnen om het eindproduct zo goed mogelijk te maken. Een van de rollen is de wachtbij. In principe staat deze alleen op wacht en kan de imker honing uit de korf halen en stuifmeel toevoegen. Alleen bij echt gevaar is de wachtbij genoodzaakt over te gaan tot actie wat met de dood wordt bekocht. Een metafoor voor hoe we met innovatie om zouden moeten gaan. Kennis zou vrij de korf in en uit moeten gaan. Het niet willen delen en risico's volledig willen afdichten, zou gezien moeten worden als ongewenst. Ga je over tot zulk soort gedrag, dan is een lang leven onverzekerd. Bijen bieden ook inspiratie om uit één grondstof een veelvuldigheid aan producten te maken; voedsel, zalf, was, antibiotica, alcohol... Doet dit u niet ook deels denken aan de veelzijdigheid van olie?
Bijen in de stad. Hot in New York, dus waarom niet ook in Manhattan aan de Maas? Maar als ik erover begin, sta ik opeens voor bange gezichten. De kunst is echter in het onderscheiden; bijen zijn geen wespen. Een bij komt niet af op je glaasje prik, maar op de stokroos in je tuin. Die stokrozen, die Franse dorpjes zo'n idyllisch gezicht geven. Een bij is niet kwaadaardig, het wil alleen maar voor ons plantjes bevruchten en zorgen voor zijn eigen kolonie. Een bij kan voor eenzelfde rustiek gezoem zorgen als de cicaden in Zuid-Frankrijk. Wat willen we met CO3 bereiken? Bewustzijn over het nut van de bij en het inzicht dat je een steentje BIJ kunt dragen door wat bloemen te planten of een eigen bijenhotel te ontwerpen. Hoe mooi zou het zijn als de stad opfleurt en als dank ons allen beloont met het door de Griekse goden zo gewaardeerde mede.
***
PS; voor een prachtig voorbeeld van biomimicry, waar natuur en techniek gecombineerd worden is het onlangs gerealiseerd Gardens by the Bay in Singapore
dinsdag 22 mei 2012
Open Innovation is like playing poker
The ground rule for
this master class Open Innovation is to have open discussions. We don’t only
want to listen to the professor; far too dangerous of having people fall asleep.
An undesired perspective, since our aim is to wake up the sleeping patents,
make heterogeneous connections on platforms and find the value proposition
leading to revenues from our business model.
This is the setting in which 40 ‘innovators’, ratio male/female 80%/20% respectively, average age ≈30 and surprisingly >75% taking notes on paper, dedicated listen to the amiable Henry Chesbrough, who engages his two-day class by raising questions and measure the awareness on Xerox, El Bulli, IDEO, Radiohead, Amazone, Innocentive and disruptive technology by letting them lift their finger.
This transition can be compared to the differences between poker and chess. Chess is a game where you have a plan for certain steps ahead; it is comparable to the current business. You play it not to lose, since you know the pieces and their ability. In case of poker one plays to win by using options and having the possibility to walk away, when risks are too high or the revenue is not promising enough. In the beginning the future is uncertain and not all information is known, you must be convinced in the added value to spend additional money and go to the next round. The best strategy is to have insight in the cards of the opponents. Each game you are able to form a team with stakeholders sharing a common interest; reaching the promised value proposition of the business model. Invest in the key relationships, since time is more valuable than money in many cases. Nonetheless, you should be clear on who owns what: before, during and after the relationship.
The way to openness is not an easy road. Robert Kirschbaum from DSM compared his journey to a mousetrap. In mature companies opportunities are seen as problems. Furthermore, the invention is like a flower, but innovation is the demanding weeding process. Or inspired on Darwin’s evolution theory: it is not about the strongest nor the most intelligent, but the most adaptable that will succeed.
The trend now-a-days is a shift from owning (and bearing all the fixed costs) towards having access too (leasing). In this scenario you only pay for what you use. So with 3D printing, one can print on demand, when the customer asks for it, having no worries about inventory or forecast problems. The business is becoming more and more relationship based. Services are critical throughout the value chain. They can be generated through co-creation with customers, resulting in economies of scale which can result in more options and hence in one stop shopping (or even ultimate customization). In the end, this approach is also more sustainable. By leasing out a company has an incentive to make the product or service as sustainable as possible, since their business models benefit from the hours of use. By using Open Service Innovation …checkmate.
This is the setting in which 40 ‘innovators’, ratio male/female 80%/20% respectively, average age ≈30 and surprisingly >75% taking notes on paper, dedicated listen to the amiable Henry Chesbrough, who engages his two-day class by raising questions and measure the awareness on Xerox, El Bulli, IDEO, Radiohead, Amazone, Innocentive and disruptive technology by letting them lift their finger.
We are knocking on the
door of closed innovation –the era in which everything is invented behind high
walls and sharing insight is seen as collaborating with the enemy. Times are
changing and we face five erosion factors: 1) increasingly mobile trained
workers; 2) more capable universities engaged in industry relevant research; 3)
diminished US hegemony; 4) erosion of oligopoly market positions and 5)
enormous increase in Venture Capital, where one does not pay for research, but
for development. The time of doing everything alone has gone; the future lies
in using other people’s minds for your business. It is a must to attract and
connect the potential of the outside world to speed up the process, to
commercialize and to mitigate risks.
This transition can be compared to the differences between poker and chess. Chess is a game where you have a plan for certain steps ahead; it is comparable to the current business. You play it not to lose, since you know the pieces and their ability. In case of poker one plays to win by using options and having the possibility to walk away, when risks are too high or the revenue is not promising enough. In the beginning the future is uncertain and not all information is known, you must be convinced in the added value to spend additional money and go to the next round. The best strategy is to have insight in the cards of the opponents. Each game you are able to form a team with stakeholders sharing a common interest; reaching the promised value proposition of the business model. Invest in the key relationships, since time is more valuable than money in many cases. Nonetheless, you should be clear on who owns what: before, during and after the relationship.
The way to openness is not an easy road. Robert Kirschbaum from DSM compared his journey to a mousetrap. In mature companies opportunities are seen as problems. Furthermore, the invention is like a flower, but innovation is the demanding weeding process. Or inspired on Darwin’s evolution theory: it is not about the strongest nor the most intelligent, but the most adaptable that will succeed.
The trend now-a-days is a shift from owning (and bearing all the fixed costs) towards having access too (leasing). In this scenario you only pay for what you use. So with 3D printing, one can print on demand, when the customer asks for it, having no worries about inventory or forecast problems. The business is becoming more and more relationship based. Services are critical throughout the value chain. They can be generated through co-creation with customers, resulting in economies of scale which can result in more options and hence in one stop shopping (or even ultimate customization). In the end, this approach is also more sustainable. By leasing out a company has an incentive to make the product or service as sustainable as possible, since their business models benefit from the hours of use. By using Open Service Innovation …checkmate.
zaterdag 5 mei 2012
Ingehaald door de tijd.
Knipsels uit kranten, tijdschriften en nieuwsbrieven stapelen zich op. Al meer dan een maand in een toren van Pisa vorm op mijn salontafel. De stapel is zo hoog dat het gevaarlijk heen en weer schommelt door de minimale lucht die verplaatst wordt als ik erlangs loop. Het domineert mijn gezichtsveld. Vanaf de bank moet ik mijn best doen om eroverheen of langszij te kijken. Het is alom aanwezig. De stapel met knipsels maakt mij continu bewust van de voortschrijdende tijd en knaagt aan mijn creativiteit. Het kan zo niet langer en na ruim een maand pak ik de pen weer op om de stapel blaadje voor blaadje af te brokkelen.
De knipsel gaan over de hands-free paraplu, Pinterest en robots zoals ARMAR. Allen beschrijven uitvindingen of diensten, die mijn eerdere blogs professioneel verrijken. Of bewijzen dat wat ik als futuristische mogelijkheid schets, toch eigenlijk heel reëel in rassen schreden dichterbij komt. Kortom, mijn blogs worden ingehaald door de tijd. Of zoals Gary Shteyngart in een recensie over zijn nieuwste roman Supertriest Waargebeurd Liefdesverhaal vertelt dat hij tot de conclusie kwam ‘ik heb meer verstand van [speculatieve] fictie dan van science’ naar aanleiding van de observatie ‘ik dacht dat het allemaal over een jaar of tien, vijftien werkelijkheid zou worden. Wist ik dat het binnen twee maanden zou gebeuren!’
Herinnert u zich nog de Cabriofiets? De overdekte fiets geschikt voor het onvoorspelbare natte Nederlandse weer. Een belangrijk element waar het bij de Cabriofiets om gaat is om droog, zonder capriolen van fietspakken en wegwaaiende paraplu’s, van A naar B te komen.

Nu is er de Nubrella, ofwel de hands-free paraplu. In feite een gestileerde grote doorzichtige badmuts, die in plaats van op je hoofd op je schouders steunt. Op de site worden de volgende unique selling points beschreven; ‘De Nubrella klapt niet om en waait niet kapot. Laat u veilig fietsen. Bied rondom bescherming en houd u lekker warm en droog.’ en als klap op de vuurpijl ‘het houd je kapsel in model’. Uiteraard zijn er nog wel verbeterpunten, aangezien je armen nog steeds nat regenen, maar het is zeker een stap dichter bij de oplossing van het probleem.
Soms geeft een knipsel ook ideeën voor het maken van een serie, zoals het stukje van Alexander Klöpping op 29 februari jl. Waar ik bij ‘Nooit meer iets kwijtraken’ zat te denken aan een systeem met sensoren om voorwerpen altijd terug te vinden, kan ‘Nooit meer iets vergeten’ het systeem van digitale prikborden achter Pinterest zijn. Pinterest kan er namelijk voor zorgen dat je bij elke online foto of tekst een memo met je eigen gedachte kan plakken. Daarnaast kun je verschillende tabbladen aanmaken met collages van beeltenissen. Daarmee is Pinterest wel direct een concurrent voor mijn stapel van Pisa. Hoewel, het doel is om nog meer informatie online te delen. Dus zou het dan een vervanging van mijn blog kunnen zijn? Dan zou ik het artikel op mijn prikbord kunnen plaatsen met alleen maar de opmerking; ‘nooit meer iets vergeten.’ Echter, Pinterest heeft toch net een andere interest, waardoor het in de toekomst een ideale bron voor data voor winkels kan zijn om precies dat aan te bieden dat past bij jouw smaak en interesse. Ik blijf de voorkeur geven aan langere teksten, die minder geschikt zijn voor deze vorm van social media.
Tot slot de Rolfomatic. Ik geniet dagelijks nog steeds van de 1.0 versie. Echter, ARMAR zou wel eens Rolfomatic 2.0 kunnen worden, waardoor Rolfomatic 1.0 zijn tijd aan meer interessante dingen kan besteden.
ARMAR is speciaal gemaakt voor in de keuken. Het is een humanoïde robot van het Karlsruhe Institute of Technology, die simpele taken kan leren door deze af te kijken van mensen. Het vraagt dus wel even quality-time om de kwaliteiten van Rolfomatic 1.0 over te dragen op Rolfomatic 2.0, maar als dat eenmaal gedaan is, heb je geen omkijken meer aan de berg afwas. Er zijn nog wel verbeterpunten. Zo blijkt ARMAR nog erg traag te zijn en wat onhandig. Daarnaast blijkt ook voorwerpherkenning nog een grote uitdaging. Maar over niet al te lange tijd zal ARMAR de keuken bevleugelen en kijken wij samen vanaf de bank met trots toe.
Bronverwijzing: interview met Gary Shteyngart, NRC 2 maart 2012, Bas Heijne.
Klik hier voor een filmpje over ARMAR
De knipsel gaan over de hands-free paraplu, Pinterest en robots zoals ARMAR. Allen beschrijven uitvindingen of diensten, die mijn eerdere blogs professioneel verrijken. Of bewijzen dat wat ik als futuristische mogelijkheid schets, toch eigenlijk heel reëel in rassen schreden dichterbij komt. Kortom, mijn blogs worden ingehaald door de tijd. Of zoals Gary Shteyngart in een recensie over zijn nieuwste roman Supertriest Waargebeurd Liefdesverhaal vertelt dat hij tot de conclusie kwam ‘ik heb meer verstand van [speculatieve] fictie dan van science’ naar aanleiding van de observatie ‘ik dacht dat het allemaal over een jaar of tien, vijftien werkelijkheid zou worden. Wist ik dat het binnen twee maanden zou gebeuren!’
Herinnert u zich nog de Cabriofiets? De overdekte fiets geschikt voor het onvoorspelbare natte Nederlandse weer. Een belangrijk element waar het bij de Cabriofiets om gaat is om droog, zonder capriolen van fietspakken en wegwaaiende paraplu’s, van A naar B te komen.

Nu is er de Nubrella, ofwel de hands-free paraplu. In feite een gestileerde grote doorzichtige badmuts, die in plaats van op je hoofd op je schouders steunt. Op de site worden de volgende unique selling points beschreven; ‘De Nubrella klapt niet om en waait niet kapot. Laat u veilig fietsen. Bied rondom bescherming en houd u lekker warm en droog.’ en als klap op de vuurpijl ‘het houd je kapsel in model’. Uiteraard zijn er nog wel verbeterpunten, aangezien je armen nog steeds nat regenen, maar het is zeker een stap dichter bij de oplossing van het probleem.
Soms geeft een knipsel ook ideeën voor het maken van een serie, zoals het stukje van Alexander Klöpping op 29 februari jl. Waar ik bij ‘Nooit meer iets kwijtraken’ zat te denken aan een systeem met sensoren om voorwerpen altijd terug te vinden, kan ‘Nooit meer iets vergeten’ het systeem van digitale prikborden achter Pinterest zijn. Pinterest kan er namelijk voor zorgen dat je bij elke online foto of tekst een memo met je eigen gedachte kan plakken. Daarnaast kun je verschillende tabbladen aanmaken met collages van beeltenissen. Daarmee is Pinterest wel direct een concurrent voor mijn stapel van Pisa. Hoewel, het doel is om nog meer informatie online te delen. Dus zou het dan een vervanging van mijn blog kunnen zijn? Dan zou ik het artikel op mijn prikbord kunnen plaatsen met alleen maar de opmerking; ‘nooit meer iets vergeten.’ Echter, Pinterest heeft toch net een andere interest, waardoor het in de toekomst een ideale bron voor data voor winkels kan zijn om precies dat aan te bieden dat past bij jouw smaak en interesse. Ik blijf de voorkeur geven aan langere teksten, die minder geschikt zijn voor deze vorm van social media.
Tot slot de Rolfomatic. Ik geniet dagelijks nog steeds van de 1.0 versie. Echter, ARMAR zou wel eens Rolfomatic 2.0 kunnen worden, waardoor Rolfomatic 1.0 zijn tijd aan meer interessante dingen kan besteden.

ARMAR is speciaal gemaakt voor in de keuken. Het is een humanoïde robot van het Karlsruhe Institute of Technology, die simpele taken kan leren door deze af te kijken van mensen. Het vraagt dus wel even quality-time om de kwaliteiten van Rolfomatic 1.0 over te dragen op Rolfomatic 2.0, maar als dat eenmaal gedaan is, heb je geen omkijken meer aan de berg afwas. Er zijn nog wel verbeterpunten. Zo blijkt ARMAR nog erg traag te zijn en wat onhandig. Daarnaast blijkt ook voorwerpherkenning nog een grote uitdaging. Maar over niet al te lange tijd zal ARMAR de keuken bevleugelen en kijken wij samen vanaf de bank met trots toe.
Bronverwijzing: interview met Gary Shteyngart, NRC 2 maart 2012, Bas Heijne.
Klik hier voor een filmpje over ARMAR
Abonneren op:
Posts (Atom)

